Digitale onafhankelijkheid is de afgelopen jaren uitgegroeid van een politiek buzzword tot een strategische noodzaak. Geopolitieke spanningen, toenemende cyberdreigingen en de afhankelijkheid van een klein aantal wereldwijde technologieaanbieders maken duidelijk dat Europa kritieke digitale capaciteiten meer in eigen hand moet nemen. Dat betekent niet dat Europa zich moet afsluiten van de rest van de wereld. Integendeel. Technologische onafhankelijkheid gaat niet over afscherming, maar over keuzevrijheid, veerkracht en het vermogen om zelf regie te houden over de digitale infrastructuur waarop onze samenleving draait. Het vraagt om een gezonde balans waarin overheden, bedrijven en kennisinstellingen samenwerken aan een sterk Europees cybersecurity-ecosysteem.
Van ambitie naar uitvoering
Dat deze ontwikkeling niet alleen op Europees niveau speelt, maar ook in Nederland concreet vorm krijgt, blijkt uit de raamovereenkomst die de Rijksoverheid op 14 juli 2026 sloot met de Europese cybersecurityleverancier ESET.
Met deze overeenkomst kunnen Rijksorganisaties onder heldere, veilige en verantwoorde voorwaarden gebruikmaken van cybersecuritydiensten van Europese herkomst. Het doel is helder: de digitale weerbaarheid vergroten en de afhankelijkheid van niet-Europese partijen verkleinen.
Daarbij staan privacy, veiligheid en controle centraal. De naleving van de afspraken wordt onafhankelijk getoetst en Rijksorganisaties behouden grip op waar gegevens worden verwerkt, voor welke doeleinden dat gebeurt en welke partijen toegang kunnen krijgen. Ook zijn waarborgen opgenomen voor situaties waarin het risicoprofiel verandert, bijvoorbeeld bij een wijziging van eigendom.
David van Weel, minister van Justitie en Veiligheid zegt hierover in het persbericht van de Rijksoverheid: “Met deze overeenkomst kiezen we bewust voor Europese beveiligingsoplossingen. Daarmee vergroten we de digitale weerbaarheid van de overheid en verkleinen we onze afhankelijkheid van partijen buiten Europa.”
De overeenkomst, die via Strategisch Leveranciersmanagement Rijk (SLM Rijk) tot stand kwam, is direct beschikbaar zonder afnameverplichtingen of minimale bestedingen. Rijksorganisaties hoeven daardoor niet langer afzonderlijke contractonderhandelingen te voeren en profiteren van uniforme voorwaarden, terwijl zij volledige keuzevrijheid behouden.
Digitale autonomie bouw je samen
De overeenkomst is meer dan een nieuwe inkoopmogelijkheid. Ze laat zien hoe publieke inkoop kan bijdragen aan een sterker Europees cybersecurity-ecosysteem en hoe technologische soevereiniteit stap voor stap in de praktijk wordt gebracht.
Tegelijkertijd onderstreept het traject met SLM Rijk een belangrijke les: digitale weerbaarheid ontstaat niet wanneer overheid en leveranciers tegenover elkaar staan, maar wanneer zij samenwerken aan hoge standaarden, transparante afspraken en wederzijds vertrouwen.
Juist die samenwerking is essentieel. Een weerbare en autonome digitale overheid bouw je niet alleen. Daarvoor is een sterk ecosysteem nodig waarin overheden, technologiebedrijven, system integrators, IT-dienstverleners, defensiepartners en kennisinstellingen elkaar uitdagen, versterken en gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen.
Europa heeft daarvoor niet één dominante leverancier nodig, maar een concurrerend en innovatief cybersecuritylandschap waarin meerdere sterke Europese spelers kunnen groeien. Alleen zo ontstaat echte keuzevrijheid, worden strategische afhankelijkheden verkleind en blijft Europa weerbaar in een steeds veranderend geopolitiek landschap.
Dat is uiteindelijk waar technologische onafhankelijkheid om draait: niet om het uitsluiten van anderen, maar om het creëren van voldoende eigen innovatiekracht, expertise en keuzevrijheid om de digitale toekomst van Europa veilig vorm te geven.
Lees het volledige persbericht van de Rijksoverheid:
https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2026/07/14/rijksoverheid-sluit-raamovereenkomst-met-europees-cybersecurityleverancier-eset